Technisch Reglement
Reglement Open Drift Championship 2010
Bij vragen of opmerkingen gelieve contact op te nemen met de wedstrijdleider of met de keurmeester.
HET OPEN DRIFT CHAMPIONSHIP behoudt zich het recht om te allen tijde wijzigingen in het reglement aan te brengen.
Inhoud
1. algemeen reglement
· technische controle
· verplichte rolkooi
· stoel en stoelbevestiging
· veiligheidsriemen
· sleepogen
· brandblusser
· leidingen en kabels
· accu
· rolkooi schuim
· Window visor en startnummers
· persoonlijke uitrusting
· aanvullende regels
2. Puntentelling en technieken
· algemeen
· drift technieken
· kwalificaties
· Twin Drift Battles
1. ALGEMEEN REGLEMENT:
Technische Controle:
De keurmeester heeft ten alle tijden het recht om elk voertuig af te keuren, indien het voortuig niet overeenstemt met het reglement.
De juiste reden van het mankement zal aan de rijder direct meegedeeld worden en de rijder heeft toestemming om direct aanpassingen te doen om de wagen alsnog te presenteren voor inspectie. De rijder kan tot 10 minuten voor einde van de kwalificatie de auto opnieuw te presenteren aan de keurmeester, waarna bij goedkeuring de rijder direct moet aanvangen met de kwalificatie.
Indien het voertuig dan nog niet voldoet aan de technische keuring, dan moet de rijder de keuringsplaats verlaten.
In geval van aanrijding, moet keurmeester de wagen opnieuw nakijken en beoordelen of deze wagen de competitie kan hervatten.
Bij goedkeuring van de keurmeester zal de deelnemer zich kunnen begeven naar de startgrid.
Een T-car (reserve auto) is toegestaan, MITS deze auto niet meer in competitie is. Een auto gebruiken van een reeds uitgeschakelde deelnemer mag dus als de eigen auto een aantoonbaar technisch defect heeft. Als je een T-car gebruikt zal deze ook goed gekeurd moeten zijn door de keurmeester. De T-car dient bij ingebruikname ook voorzien te zijn van de jusite stickers en streamers. Als er gewisseld word naar een T-car, moet de organisatie hiervan duidelijk op de hoogte worden gebracht. Als er tijdens een battle gewisseld moet worden (na de 1e run bijvoorbeeld), dient de tegenstander ook nog eens toestemming te geven voor het wisselen naar een T-car.
Bij technisch mankement:
· Tijdens kwalificatie: de rijder kan de auto proberen te herstellen en de rijder krijgt een nieuwe kans om te kwalificeren, zolang de kwalificatie bezig is. Rijder dient dit wel te melden aan de wedstrijdleider, zodat de wedstrijdleider de jury op de hoogte kan stellen.
· Tijdens Twin Drift Battle: 5 minuten reparatietijd en uitsluitend in het rennerskwartier, dus niet op de baan. De driftauto moet naar het rennerskwartiergeslepen of gereden worden; er mag dus niet gesleuteld worden op het parcours. De tijd begint te lopen vanaf het moment dat de auto de baan verlaat en de auto moet binnen 5 minuten het parcours hebben verlaten, anders is de battle verloren.
Alle deelnemende drifters moeten voldoen aan het Open Drift Championship Reglement en dienen de veiligheidsuitrusting tijdens de keuring aan de keurmeester te tonen.
Alle deelnemende auto ' s dienen een chassisnummer te hebben.
De keurmeester voor 2010 is WJ Dijkstra; de keurmeester houdt een logboek bij van alle deelnemende auto ' s, welke ten alle tijden ter inzage is
Rolkooi
Een 6-punts rolkooi
Is voor alle auto ' s verplicht. Geschroefde of gelaste kooien moeten gemaakt worden van naadloos staal of koud getrokken stalen buis. Alle rolkooien met FIA of KNAF certificaat zijn toegelaten.
Zelfbouwkooien moeten, ongeacht de materiaalsoort, een hoofdbuis hebben van 45x2.5mm of 50x2mm buis.
Voor alle andere delen van de kooiconstructie is toegelaten een minimale buis van 38x2.5mm of 40x2mm. De voorste opstaande buizen van de kooi bij de A-stijl mogen gebogen worden om het dashboard, deze moeten dan wel ondersteund worden door een zijdelingse buis op de curve van de bocht, waarbij deze zijdelingse buis bij de B-stijl van de auto dient uit te komen, een soort "doorbar" dus.
Doorbars
Verplicht voor alle deelnemende auto ' s, aan de bijrijderszijde is 1 buis voldoende. Men heeft de keuze voor een kruis of 2 buizen boven elkaar. Doorbars mogen uitneembaar zijn, maar moeten deugdelijk bevestigd zijn. Indien 2 doorbars worden gemonteerd, dan dienen deze minimaal 20 cm uit elkaar gemonteerd te worden
Bevestiging rolkooi
a. bevestigingsvoeten beugel(s):
Iedere beugel die wordt afgesteund op een chassis/carrosseriedeel dient op de plaats van afsteuning van een bevestigingsvoet te zijn voorzien. Een bevestigingsvoet is een plaat gelast aan de rolbeugelpijp, waardoor deze aan het chassis of carrosserie bevestigd kan worden, gewoonlijk op een versterkingsplaat.
b. versterkingsplaten:
Een versterkingsplaat is een plaat bevestigd aan de carrosserie of het chassis bestemd als montagevoet van de (bevestigingsvoet) rolbeugel om de last over de opbouw te verspreiden. De versterkingsplaat dient minimaal 3 mm dik te zijn en een oppervlakte te hebben van 120 cm2. De versterkingsplaat moet aan de carrosserie zijn vast gelast.
c. bevestiging:
Met uitzondering van de beugel(s) die achter de hoofdbeugel (dit is de beugel dwars door de auto direct achter de voorstoel) zijn afgesteund, dient de bevestigingsvoet van iedere beugel op een stalen versterkingsplaat te worden bevestigd met tenminste 3 bouten van tenminste M8 grootte, kwaliteit 8.8 ISO norm of beter. Dit zijn minimum eisen. Meer bouten mogen worden gebruikt en de bevestigingsvoeten mogen direct op de versterkingsplaten worden gelast. Het vastlassen van de kooi aan de carrosserie is toegestaan, eventueel met verbindingsstrips of – platen.
Stoel en stoelbevestiging
Een deugdelijke racestoel met FIA keur is verplicht. Deze FIA keur mag verlopen zijn. De stoel moet deugdelijk bevestigd zijn via minimaal 4 bevestigingspunten, bouten dienen diameter van min. 8 mm (liefst 10mm) te hebben en de minimale kwaliteit moet zijn 8.8 of beter. De onderplaten dienen min. 40 cm2 per bevestigingspunt te zijn (min. dikte voor staal 3 mm, voor aluminium 5 mm). Voor oudere wagens kan dit betekenen dat op de bodem, over meer dan de gehele breedte van de stoel een schetsplaat moet worden bevestigd. De zitting van de stoel mag niet meer dan 3 cm. indrukbaar zijn, dit om te voorkomen dat bij een impact de bestuurder onder de gordel door kan schuiven.
Veiligheidsriemen
Verplicht is minimaal een 4-punts gordel, maar advies is een 5- of 6 puntsgordel. Voor een goede werking dienen de veiligheidsgordels deugdelijk gemonteerd te zijn en met minimale hoek van +10 en een maximale van -45 graden:
Veiligheidsgordels met losse stiksels, of die gerafeld zijn dan wel vanwege een zware aanrijding een beschadigd zijn, zijn onbruikbaar en dienen voor de eigen veiligheid van de gebruiker vervangen te worden. Bijzonder aandacht verdient de bevestiging en afstelling van de riemen.
Sleepogen
De wagen moet voorzien zijn van een sterk sleepoog aan voor- en achterzijde. Het originele sleepoog mag vervangen worden. Aan de voorzijde mag het sleepoog gemonteerd worden op 1 van de voorste veerpoten, welke door de motorkap steekt. Aan de achterzijde mag het sleepoog verlengd worden.
Het sleepoog dient duidelijk zichtbaar in een van de body afwijkende kleur geschilderd te zijn. De binnen diameter van het sleepoog moet minimaal 5 cm zijn.
Brandblusser
Een brandblusser van tenminste 2 kg is verplicht en dient uiterst stevig gemonteerd te zijn binnen handbereik van de bestuurder. Er wordt geadviseerd een automatisch brandblussysteem te monteren, welke van buiten en van binnen brand kan blussen op cruciale plekken in de auto. Een dergelijk systeem is niet al te kostbaar.
Leidingen en kabels
Deze dienen van deugdelijk materiaal en in goede staat te zijn. Alle leidingen die brandstof, hydraulische vloeistof, koelwater of smeerolie bevatten mogen door het inzittenden compartiment lopen, mits ze zijn afgeschermd door een metalen lekvrij omhulsel. Er mogen geen leidingen of kabels tussen de rolkooi en carrosserie lopen.
Accu
De accu dient deugdelijk bevestigd te zijn en de pluspool dient ge ï soleerd te zijn.
Rolkooi schuim
Delen van de rolkooi, waar de rijder bij een crash mee in aanraking kan komen, dienen te worden voorzien van schuimrubber. Isolatieschuim is voldoende.
Window Visor (zonneband) en startnummers
Tijdens de ronden die ODC organiseerd dienen de voertuigen van deelnemende rijders voorzien te zijn van 2 startnummers (links en rechts op de auto, bij voorkeur vlak achter de B-stijlen).
Deze startnummers worden de eerste wedstijd op volgorde van inschrijving gratis uitgereikt.
Ook dienen alle deelnemende voertuigen voorzien te zijn van een ODC reglementaire zonneband (window visor). Ook deze zonnebanden worden eenmalig gratis uitgereikt bij de eerste inschrijving. De zonnebanden dienen bovenaan de voorruit geplakt te worden.
De zonnebanden dienen bij alle ODC georganiseerde wedstrijden en events op het voertuig gemonteerd te zitten.
Persoonlijke uitrusting
· VERPLICHT: brandvrije race-overall, ook tijdens de briefing. Race overall dient van minimaal 1 laag brandwerend materiaal te zijn en in goede staat te verkeren. Bij voorkeur met FIA keurmerk
· VERPLICHT: raceschoenen
· VERPLICHT: Een goedgekeurde helm met tenminste keurmerk: Snell Foundation SA95, ONS/OMK (W. Germany) (blauw op wit); E22.BS6658-85 A/FR 9 wit op rood) of een helm van hoger niveau. Een half open helm is toegelaten.
· ADVIES: racehandschoenen en brandwerend ondergoed + sokken
· ADVIES: balaclava
Aanvullende regels
1. alle wagens en rijders die aan het Open Drift Championship deelnemen accepteren de Open Drift Championship regels en voorschriften
2. commerciele video, film en foto ' s opnames mogen uitsluitend gemaakt worden na schriftelijke toestemming van het Open Drift Championship. Uiteraard mogen drifters voor eigen gebruik filmen en fotograferen
3. alle deelnemers en teams zijn het er mee eens, dat alle beslissingen gemaakt door de Open Drift Championship Officials / juryleden van kracht zijn en moeten worden gerespecteerd
4. het Open Drift Championship kan geen verantwoordelijkheid dragen bij uitsluiting van een deelnemer voor het kampioenschap, om welke reden dan ook.
5. FWD en AWD wagens zijn niet toegestaan
6. geen enkele vloeistoflekkage wordt getolereerd
7. een buizenchassis is niet toegestaan, tenzij het een buizen chassis betreft van model welke in serie is gebouwd met Europese type goedkeuring
8. een cabriolet moet een hard top hebben geinstalleerd. Auto ' s met een glazen schuifdak moeten deze aftapen of vervangen voor kunststof of metalen plaat. Schuifdaken moeten in een gesloten positie zijn.
9. remmen moeten in perfecte staat zijn, op alle 4 de wielen moeten de remmen functioneren, anti-lock (ABS) remsystemen zijn niet verplicht en mogen verwijderd/onklaar gemaakt worden. De remlichten moeten zonder vertraging werken.
10. de wagen moet voorzien zijn van een binnenspiegel, linker en rechter buitenspiegel.
11. het geluidsniveau van de uitlaat moet binnen de normen liggen van de maximale eisen van de locatie waar het event plaatsvindt. Alvorens je inschrijft voor een bepaalde ronde, moet je zelf de geluidseisen navragen bij het Open Drift Championship
12. slijpen in chassisbalken is verboden
13. alle wielbouten of moeren moeten aanwezig zijn
14. remlichten en alarmlichten moeten werken en intact blijven. De koplampen mogen vervangen worden voor kappen, eventueel met luchtinlaat
15. het voertuig moet ten alle tijden proper gepresenteerd worden. Rijder dient zelf een emmertje, sponsje en wellicht wat poetsmiddelen bij hebben en het Open Drift Championship heeft het recht een voertuig te weigeren, indien drifter bewust verzuimd om de auto ' s netjes te presenteren.
16. Alle ramen, behalve de bestuurdersraam, mogen maximaal 15 cm. geopend zijn
17. De bestuurdersraam moet gesloten zijn, tenzij een raamnetje is gemonteerd, want dan mag de bestuurdersraam ook 15 cm geopend zijn
18. de keurmeester heeft het recht om de drifter te verzoeken gevaarlijke onderdelen te verwijderen. Probeer zoveel mogelijk scherpe randen rond en braamvrij te maken, zowel in het interieur als exterieur
19. zij- en achterruiten mogen vervangen worden door acryl of lexaan met een minimum dikte van 2mm en stevig bevestigd zijn. Voorruit moet standaard blijven van gelaagd glas
20. tankkleppen/doppen mogen niet lekken en standaard benzinetanks en aluminium benzinetanks moeten stevig vastgezet worden en lekvrij zijn
21. alle externe benzinepompen/tanks moeten volledig afgeschermd zijn door een luchtdicht brandschot
22. alle deelnemende auto ' s moeten een hoofdstroomschakelaar hebben, welke zowel van binnen als buiten de auto te bedienen is
23. deelnemers mogen uitsluitend de voorbumper verwijderen tijdens de vrije training. Wij verzoeken vriendelijk om eventuele bodykits, welke beschadigd zijn, zo goed mogelijk te herstellen. Bumpers moeten goed en deugdelijk vast zitten.
24. Motorkap en kofferdeksel moeten adequaat en veilig vastgemaakt worden. Een minimum van 2 hoodpins voor de motorkap en is verplicht en het standaardsysteem moet compleet verwijderd zijn
Addendum reglement d.d. 27-08-2009
· Het gebruik van open uitlaten en uitlaatsystemen is verboden
· Uitlaatgeluid gemeten 3 meter van de uitlaat op 30 cm van het maaiveld mag niet hoger zijn dan 98 dB (meting met geluidsmeter EN 60651 klasse 2 en EN 61672)
· Auto's moeten voorzien zijn van voor- en achterbumpers en dienen gemonteerd te blijven gedurende het complete evenement
· De bumpers dienen degelijk gemonteerd te zijn
· Auto's dienen een net voorkomen te hebben en mogen niet onder de grote schades en deuken zitten
· Auto's dienen schoon te zijn gedurende het complete evenement
· Geen donuts tijdens een run. Tijdens iedere wedstrijd wordt tijdens de briefings aangegeven waar plek is voor donuts
· Geen staande burnouts, langzaam rollende burnouts zijn op sommige locaties wel toegestaan. Informeer hiernaar bij de wedstrijdleiding
· Niet doorrijden totdat je banden ploffen. Als drifter zijnde wordt men geacht professioneel genoeg te zijn om te weten wanneer de banden ongeveer vervangen moeten worden om ploffen tijdens een wedstrijd te voorkomen.
Het ploffen van banden zorgt voor onnodig veel rommel op de baan, veel rubber en zelfs kapotte auto-onderdelen
· Juryleden moeten tijdens het jureren hun taken optimaal kunnen uitvoeren. Dwz dat deelnemers zich tijdens de wedstrijden NIET bemoeien met de juryleden en hun bevindingen. Klachten kunnen achteraf aangedragen worden
· Ook dient de werkruimte van de juryleden enkel voor deze jury en is niet toegankelijk voor personen die niets met jureren te doen hebben
In geval van twijfel s.v.p eerst contact opnemen met de wedstrijdleider.
Deelname zonder genoemde verplichte uitrusting is niet toegestaan.
De wedstrijdleider verlangt dat de persoonlijke uitrusting van een deelnemer voor of tijdens de wedstrijd getoond kan worden.
2 JURYREGLEMENT
Algemeen
· Alle wagens moeten goedgekeurd worden tijdens de technische controle. De wagen moet blijven voldoen aan deze keuring tijdens het hele event.
· Wagens zonder de officiele stickers kunnen geen punten scoren.
· Een stilstaand burnen of donuts draaien op verboden of gevaarlijke plaatsen (paddocks, tussen het publiek, … ) hebben diskwalificatie tot gevolg.
Technieken
· E-brake / Handrem: mag gebruikt worden om de bocht in te gaan en om de drift in te zetten of om een drift licht bij te sturen bij het ingaan van de volgende bocht. Door de handrem te gebruiken kan je een hoge aanzet snelheid bereiken en heel vroeg dwars staan.
· LFB / Links bij remmen: mag gebruikt worden om de wagen te vertragen om tot bij een clipping point te komen. Mag niet gedurende de hele drift gebruikt worden enkel om hoek te kunnen houden.
· Clutch kicken / op koppeling stampen: mag gebruikt worden om de toeren te behouden en de drift te behouden.
Kwalificaties
De 4 criteria :
ENTRY SPEED
DRIFTHOEK / TRANSISIE
IDEALE LIJN met APEX en SNIJPUNTEN
SHOWGEHALTE & IMPACT
· De snelheid bij het inzetten van de drift moet zo hoog mogelijk zijn. Hoe hoger de snelheid, hoe hoger de score. De snelheid wordt gemeten tijdens de kwalificatie met een speedgun.
· De drifthoek moet er ten alle tijden zijn. Als je van richting verandert, dan moet de wagen zijn linkse drift omzetten naar een rechtse drift in éé n vlotte beweging. De wagen mag niet rechtkomen tijdens een lastwissel.
· De ideale lijn is heel belangrijk. De jury zal aangeven waar de belangrijkste clipping points zich bevinden. Hoe verder een wagen langs het clipping point drift, hoe lager de score. Een clipping point kan ook aan de buitenkant van een bocht liggen.
· De totale show en impact hebben slechts een kleine invloed op het resultaat. De jury en het publiek wil een zo lang mogelijke drift zien met zoveel mogelijk rook.
Er zullen juryleden zijn, die in totaal maximum 100 punten geven per run.
Hoe worden de 100 punten verdeeld?
Entry speed |
| 0-30 p |
Drifthoek & transisie/lastwissel |
| 0-30 p |
Ideale lijn met clipping points |
| 0-30 p |
Show & impact |
| 0-10 p |
Total points |
| 100 p |
Puntenverlies:
1 wiel naast de baan |
| - 10 p |
2 of meer wielen buiten de baan |
| - 10 p |
Spin |
| score = 0 |
Raken van kegel of banden (als ze omvallen) |
| - 10 p |
Onderstuur |
| - 15 p |
Rechtdoor rijden waar je zou moeten linken |
| - 15 p |
Twin drift battles
1. Er zijn 2 auto's; de auto die voorop rijdt (hierna te noemen de leader) en de auto die achtervolgt (hierna te noemen de chaser)
2. Elkaar raken is verboden. Als twee wagens elkaar raken, dan wordt de veroorzaker als verliezer beoordeeld, indien de aanraking vermijdbaar was. Een bewuste aanraking kan bestraft worden met een diskwalificatie, aftrek van kampioenschappunten of zelfs een intrekking van de licentie.
3. Inhalen is enkel toegelaten als de leidende wagen een fout maakt en daardoor van de ideale lijn afwijkt. De chaser mag de leader bij de inhaalactie niet hinderen of in de weg rijden.
4. De leidende wagen moet de kwalificatie run zo goed mogelijk simuleren qua snelheid, drifthoek en clipping points.
5. De chaser moet ook zo goed mogelijk de kwalificatie run simuleren. Terwijl hij dit doet, moet hij proberen om zo dicht mogelijk naast de leader te driften. Ten allen tijde moet de chaser op zijn minst dezelfde hoek hebben als de leader, behalve als deze spint.
6. Per battle worden 10 punten verdeeld onder de 2 deelnemers. BV 5-5, 6-4, 2-8, 10-0 etc. Als een wagen spint, de muur raakt (met de achterbumper de muur schrapen valt hier dus niet onder) of een vermijdbaar ongeval heeft, zal hij 0 punten scoren.
7. Als de leader helemaal van de lijn af gaat en proper wordt ingehaald, zal hij 0 punten scoren.
8. Als de chaser de leader raakt, terwijl hij probeert in te halen of terwijl hij zo dicht mogelijk probeert te volgen, dan scoort hij 0 punten.
9. Als de leader te fel vertraagd voordat de driftzone begint, krijgt hij 1 punt minder.
10. Indien de leader spint en daardoor spint de chaser ook, dan is het 10-0 voor de chaser, aangezien de leader als eerste spinde.
11. De wagens moeten naast mekaar tegen de snelheid rijden tot aan de kegel. De wagen die niet wacht op de ander, krijgt 1 punt minder.
12. De chaser moet invoegen achter de leader net na de kegel. Indien hij de binnenkant blokkeert krijgt hij 1 punt minder.
13. Indien een rijder een straf van 1 punt krijgt begint hij in feite de battle met een 4-6 achterstand.
14. De chaser moet de leader genoeg plaats geven om van richting te veranderen. Als de chaser de leader hindert of de leader zijn drift blokkeert krijgt hij 2 punten minder. Als hij de leader laat spinnen of zijn drift laat afbreken, krijgt hij 3 punten minder.
15. Als de score 10-10 is na 2 runs, zal er een re-run zijn. De re-run zal steeds gebeuren met 2 nieuwe runs. Na 4 runs zal de jury een beslissing maken. Vanaf de halve finales kunnen er 6 runs of meer gereden worden.
16. De beslissing van de jury is sluitend en bindend. Er kan uitleg gevraagd worden na het evenement, maar met respect. Het openlijk blameren van de jury zal diskwalificatie tot gevolg hebben.
17. Het negeren van aanwijzingen van officials zal diskwalificatie betekenen en een schorsing van 1 wedstrijd.
Puntenverdeling :
1 100
2 90
3 80
4 75
5 70
6 68
7 66
8 64
09 55
10 54
11 53
12 52
13 51
14 50
15 49
16 48
17 40
18 39
19 38
20 37
21 36
22 35
23 34
24 33
25 32
26 31
27 30
28 29
29 28
30 27
31 20
32 19
33 18
34 17
35 16
36 15
37 14
38 13
39 12
40 11
41-50 10




